• 088-383 88 38
Uw winkelwagen is leeg.
Verder winkelen

Veelgestelde gebruikersvragen

Hieronder vind je per onderwerp de meest gestelde gebruikersvragen.

Vind je geen antwoord op jouw vraag, neem dan contact op met de WoonVeilig Klantenservice. Wij helpen je graag verder.

Algemene vragen

De enige manier om deze vorm van alarm te deactiveren is middels het bedieningspaneel. Zodra de code is ingevoerd en op de groene knop is gedrukt wordt het alarm gedeactiveerd.

Het WoonVeilig Alarmsysteem meldt een alarm direct per SMS, e-mail en telefoon aan jou en de door jouw opgegeven contactpersonen indien het is aangesloten op de WoonVeilig beveiligingsdienst. Als onderdeel van de beveiligingsdienst heb je toegang tot jouw persoonlijke WoonVeilig omgeving waar je al jouw voorkeuren voor het alarmsysteem instelt. Ook kun je gebruik maken van sms en/of de WoonVeilig App om je alarmsysteem met je smartphone te bedienen, ongeacht waar je bent. De beveiligingsdienst bevat tevens automatische onderhoudsprocedures waarmee je altijd verzekerd bent van een continue en betrouwbare beveiliging.

Zonder de WoonVeilig beveiligingsdienst worden alarmmeldingen of andere waarschuwingsmeldingen (batterijmeldingen, storingsmeldingen, etc.) niet meer doorgegeven en heb je geen mogelijkheid om instellingen te wijzigen in het systeem. Zonder de WoonVeilig beveiligingsdienst kun je je alarmsysteem niet meer op afstand via sms en/of de WoonVeilig App bedienen en functioneren ook je 'slimme stekkers' niet meer.

Het alarmsysteem kan worden blijven gebruikt als lokaal alarm (met sirene) zonder doormelding. Voor een betrouwbare beveiliging adviseert WoonVeilig het alarmsysteem echter altijd te gebruiken in combinatie met de WoonVeilig beveiligingsdienst.

Nadat de beveiligingsdienst is beëindigd kan het systeem worden overgedragen aan iemand anders. Die kan het systeem vervolgens weer direct aanmelden.

De sirene zal gedurende 3 minuten afgaan. Als hierna weer een nieuw alarm wordt gegenereerd door de accessoires (er wordt bijv. opnieuw een deur geopend) dan zal de sirene opnieuw gedurende 3 minuten afgaan.

Ja. Met een geschikte mobiele telefoon en een data abonnement kan de persoonlijke WoonVeilig omgeving ook worden bereikt via mobile.woonveilig.nl. Op de mobiele website kan de status van het alarmsysteem en de sirene worden gewijzigd. Daarnaast kunnen de meldingen, beeldopnames en contactpersonen worden bekeken en kan je jouw Slimme Stekkers en Slimme Radiatorknoppen eenvoudig op afstand bedienen.

Het WoonVeilig alarmsysteem kent 3 geluiden bij een alarm:

  1. Constant en luid: in geval van een inbraakalarm en bij het indrukken van de paniekknop;
  2. Onderbroken: in geval van een brandalarm (3 tonen - pauze - 3 tonen);
  3. Constant en zacht : in geval van een lekkage alarm.

Met het WoonVeilig alarmlicht kan van buitenaf worden gezien of het alarm is aan- of uitgeschakeld. Zodra het alarm is aangezet licht het WoonVeilig alarmlicht driemaal op. Als het alarm wordt uitgezet zal het alarmlicht van links naar rechts knipperen. Het WoonVeilig alarmlicht met sirene geeft naast lichtsignalen ook pieptonen. Een pieptoon bij het aanzetten van het alarmsysteem en 2 pieptonen als het alarm wordt uitgezet. Zo kan je direct controleren of het alarmsysteem correct is aan- of uitgezet.

Het rekeningnummer waarvan WoonVeilig automatisch incasseert kan gewijzigd worden in het WoonVeilig account. Ga naar het kopje 'Persoonlijke gegevens' onder het tabblad 'Mijn account'. Klik op de knop 'Aanpassen'. Hier kan het rekeningnummer maar ook adresgegevens, etc. worden veranderd. Klik op de knop 'Opslaan' om de wijzigingen op te slaan.

Het adres waarop de huiscentrale staat geregistreerd kan gewijzigd worden in het WoonVeilig account. Ga naar het kopje 'Persoonlijke gegevens' onder het tabblad 'Mijn account'. Klik op de knop 'Aanpassen'. Hier kunnen de adresgegevens maar ook het rekeningnummer, etc. worden veranderd. Klik op de knop 'Opslaan' om de wijzigingen op te slaan.

Ook moet het adres worden gewijzigd bij het kopje 'Locatie huiscentrale' onder het tabblad 'Alarmsysteem'. Klik op de knop 'instellingen aanpassen'. Klik op de knop 'Opslaan' om de wijzigingen op te slaan.

Huiscentrale model: WV-1716 communiceert via een andere frequentie dan huiscentrale model: GATE-01. Daarom kunnen beide productlijnen niet met elkaar communiceren. Daarnaast heeft huiscentrale model: GATE-01 de mogelijkheid om meer accessoires aan te sluiten.

Wanneer je in het bezit bent van huiscentrale model WV-1716 kan je 32 accessoires aanmelden. Dit is inclusief 4 camera’s en 8 slimme stekkers.

Wanneer je in het bezit bent van huiscentrale model GATE-01 kan je 82 accessoires aanmelden. Dit is inclusief 4 camera’s en 8 slimme stekkers.

Wanneer je in het bezit bent van huiscentrale model GATE-02 kan je 160 accessoires aanmelden. Dit is inclusief 4 camera’s en 16 slimme stekkers.

Aan de achterkant van je huiscentrale zit een sticker. Op deze sticker staat of je in bezit bent van huiscentrale model: WV-1716 of GATE-01.

De accessoires voor huiscentrale model: WV-1716 en GATE-01 zijn verkrijgbaar in de online shop. Selecteer in de shop jouw type huiscentrale.

Het alarm kan aan of uit worden geschakeld door het sturen van een sms-bericht. Het nummer waar je het bericht naartoe moet sturen is: +31 6 2280 7092

  • Om het alarm aan te zetten SMS dan: AAN spatie [huiscentrale ID], bijvoorbeeld: AAN 001234
  • Om het alarm uit te zetten SMS dan: UIT spatie [huiscentrale ID], bijvoorbeeld: UIT 001234

De huiscentrale ID is in de persoonlijke WoonVeilig omgeving te vinden onder het tabblad 'Alarmsysteem' onder het kopje 'Locatie huiscentrale'.

Let op: het gebruikte mobiele nummer moet zijn geregistreerd als een mobiel nummer van een bewoner. Ga naar het tabblad 'Mijn account' in de persoonlijke WoonVeilig omgeving en klik onder het kopje 'Bewoners met toegang tot het alarmsysteem' op een naam van een bewoner. Vul bij het veld 'Mobiele telefoon' het gewenste mobiele nummer in.

Op alle WoonVeilig producten die zijn aangesloten op een actieve WoonVeilig beveiligingsdienst is een garantietermijn van 4 jaar van toepassing. Voor batterijen en stickers geldt deze garantietermijn niet.

Op het moment dat een product niet voldoet aan de te verwachte eigenschappen dien je contact op te nemen met de WoonVeilig klantenservice. De garantie die WoonVeilig geeft staat altijd boven andere garantieafspraken, bijvoorbeeld met retailpartijen.

Meer info over de WoonVeilig Garantievoorwaarden

WoonVeilig is te bereiken via telefoonnummer 088 - 383 88 38. Dit nummer is ook vanuit het buitenland te bellen. Je betaalt enkel de kosten van je telefoonprovider. Toch liever contact opnemen per mail? Neem dan online contact op met de WoonVeilig Klantenservice.

Log in op je persoonlijke WoonVeilig account. Ga naar het tabblad "Alarmsysteem". Hier vind je het 6-cijferige Huiscentrale ID. Dit ID heb je nodig om het alarmsysteem per SMS aan of uit te schakelen. Ook kan de klantenservice vragen naar het Huiscentrale ID.

Installatievragen

Indien er zich meerdere WoonVeilig alarmsystemen in je omgeving bevinden zal dit geen problemen opleveren voor jouw WoonVeilig alarmsysteem. De WoonVeilig accessoires communiceren met de huiscentrale via een gecodeerd signaal. Voor deze gecodeerde communicatie is vereist dat de accessoire is aangemeld op de desbetreffende huiscentrale. Zonder deze koppeling zal er dus ook geen alarmmelding mogelijk zijn.

Wij raden wel aan om een afstandsbediening te verwijderen uit de persoonlijke WoonVeilig omgeving indien deze is kwijt geraakt. Zodra de afstandsbediening terug is gevonden kan je deze zeer eenvoudig weer aanmelden op het WoonVeilig alarmsysteem.

Indien jouw kabelmodem niet beschikt over een DHCP functie kan je alleen het aantal ethernetpoorten uitbreiden met een router. Op de router dien je de DHCP functie te activeren. Een router is in de meeste computer- of elektronica zaken te verkrijgen tussen de € 25,- en de € 50,-.

Indien uw kabelmodem beschikt over een DHCP functie kan je het aantal ethernetpoorten uitbreiden met een willekeurige switch.

Ook is het belangrijk om je apparatuur te resetten nadat je een router hebt geplaatst:

  1. Zet je modem en router uit;
  2. Trek de voeding uit de WoonVeilig huiscentrale en zet de batterijschakelaar aan de zijkant op ‘Uit’;
  3. Wacht nu 90 seconden voordat je de modem weer aanzet;
  4. Zodra op de modem het ‘Online’ lampje continu brandt kan je de router weer aanzetten;
  5. Heeft de router weer verbinding zet dan de batterijschakelaar van de huiscentrale weer op ‘Aan’ en sluit de stroom weer aan op de huiscentrale;
  6. Op de huiscentrale brandt het onderste lampje (Online) continu groen en na 11 minuten krijg je automatisch een melding dat de internetverbinding is hersteld.

Test na de installatie of een elektrisch apparaat of lamp aan en uitgaat wanneer je via de website de Slimme stekker bedient. Mocht dit niet werken dan kan het liggen aan het draadloos bereik. Steek dan de Slimme stekker in een stopcontact zo dicht mogelijk bij de Huiscentrale en doorloop de installatie procedure opnieuw. Wanneer de Slimme stekker dan wel werkt dan was het een bereikprobleem. Kies dan een andere plaats in je huis waar wel bereik is.

Voor deze producten is het belangrijk dat je gebruik maakt van de laatste softwareversie. Deze dient minimaal versie 1.1.8 te zijn. De vraag of je deze update wilt installeren verschijnt automatisch na 10 seconden in het tabblad "Overzicht" wanneer je inlogt in de online omgeving. Zodra je de laatste softwareversie installeert is het belangrijk om dit proces absoluut niet te onderbreken. Dit proces duurt maximaal 20 minuten (afhankelijk van je internetsnelheid). Wanneer versie 1.1.8 of hoger is geïnstalleerd kun je direct gebruik maken van alle opties van de binnensirene/glasbreukmelder.

Alleen als je nog steeds gebruik maakt van een verouderde softwareversie verschijnt automatisch na 10 seconden in het tabblad "Overzicht" in je online omgeving, de vraag of je de nieuwste softwareversie wilt installeren. Zodra je de laatste softwareversie installeert is het belangrijk om dit proces absoluut niet te onderbreken. Het proces om de software van de huiscentrale bij te werken duurt maximaal 20 minuten (afhankelijk van je internetsnelheid).

Alle accessoires van het WoonVeilig Alarmsysteem zijn door WoonVeilig al aangemeld.

Om extra accessoires aan te melden moet de WoonVeilig Huiscentrale zich in de zoekstand bevinden. De zoekstand wordt geactiveerd door op de huiscentrale gedurende 7 seconden de knop ‘Reset/Learn’ in te drukken. Op de huiscentrale zal het lampje ‘Status’ gaan knipperen en zullen de lampjes ‘Melding’ en ‘Online’ uitgaan. Druk minimaal 3 seconden op een knop van de accessoire. De huiscentrale geeft een pieptoon wanneer de nieuwe accessoire succesvol is aangemeld. De accessoire zal dan binnen enkele minuten verschijnen in de persoonlijke WoonVeilig omgeving.

Om een bedieningspaneel aan te melden moeten de toetsen met het * symbool en het # symbool tegelijkertijd in worden gedrukt terwijl de huiscentrale zich in de zoekstand bevindt.

De camera en het alarmlicht kennen andere procedures voor de aanmelding. Zie hiervoor de handleidingen in de online shop.

Instellingen

Om te kunnen zien welke bewoner het alarm heeft ge(de)activeerd met haar of zijn pincode kan je voor elke bewoner een unieke pincode registreren.

De pincode is te veranderen door naar het tabblad 'Mijn account' te gaan in de persoonlijke WoonVeilig omgeving. Klik onder de kop 'Bewoners met toegang tot het alarmsysteem' op de naam van de desbetreffende contactpersoon. Vervolgens kan de gewenste pincode in het veld ‘Pincode’ worden ingevoerd.

Vertragingstijden kunnen alleen worden ingesteld voor bewegingsmelders en deur-/raamcontacten.

Vertragingstijden kunnen worden aangezet op de persoonlijke WoonVeilig omgeving onder het tabblad ‘Alarmsysteem’. Klik onder het kopje 'Accessoires' op de knop ‘instellingen aanpassen’. Vervolgens kan per accessoire worden gekozen voor de instelling ‘Actief - na vertragingstijd’ of voor de instelling ‘Actief – vertraagd indien thuis’ (een uitleg van de instellingen is te vinden onderaan dezelfde pagina). Nadat is geklikt op de knop 'Opslaan' worden de nieuwe instellingen verstuurd naar de huiscentrale wat enkele seconden duurt.

De tijdsduur van de vertragingstijd kan worden ingesteld op de persoonlijke WoonVeilig omgeving onder het tabblad 'Alarmsysteem'. Klik onder de kop 'Vertragingstijd' op de knop ‘instellingen aanpassen’. Hier kan de tijd worden ingesteld die nodig is om de woning te verlaten en te betreden voordat het alarm geactiveerd wordt. Ook kan hier worden ingesteld of tijdens deze vertragingstijd een waarschuwingssignaal moet klinken. Het opslaan van de nieuwe instellingen kan enkele seconden duren.

Om te kunnen zien welke gebruiker het alarm ge(de)activeerd heeft met een afstandsbediening is het van belang dat de afstandsbediening is aangemeld. Ook moet de gebruiker zijn toegevoegd als een bewoner met toegang tot het alarmsysteem onder het tabblad ‘Mijn account’ in de persoonlijke WoonVeilig omgeving. Klik op de naam van de desbetreffende bewoner om diens persoonlijke instellingen te wijzigen. In het veld ‘Afstandsbediening’ kan een al aangemelde afstandsbediening worden gekoppeld aan deze bewoner.

Er moet worden aangegeven welke accessoires niet actief dienen te zijn als de bewoners thuis zijn. Minstens 1 accessoire dient ingesteld te zijn op 'Alleen Actief indien niet thuis'. Ga op de persoonlijke WoonVeilig omgeving naar het tabblad 'Alarmsysteem'. Klik onder het kopje 'Accessoires' op de knop 'instellingen aanpassen' om de gewenste accessoires in te stellen.

De stand 'AAN, ik ben thuis' werkt pas indien de ruimtes, die beveiligd moeten worden terwijl de bewoners thuis zijn, geheel verlaten zijn. Ook wordt aangeraden om alle deuren en ramen die moeten worden beveiligd te sluiten. Zijn deuren en ramen niet gesloten dan klinkt er een dubbele pieptoon als waarschuwing.

Nadat het alarmsysteem is aangezet in de stand 'AAN, ik ben thuis' kan in de persoonlijke WoonVeilig omgeving worden gecontroleerd of de instelling werkt: in de ruimtes die niet hoeven te worden beveiligd moeten de accessoires geen alarm veroorzaken.

Als in de persoonlijke WoonVeilig omgeving het alarmsysteem is ingesteld op 'AAN, ik ben thuis' én een accessoire is ingesteld op 'Alleen Actief indien niet thuis' dan kan alles worden geactiveerd met een simpele druk op de knop van de afstandsbediening of het bedieningspaneel waarop een huis is afgebeeld. Vanuit de huiscentrale klinkt een pieptoon als het alarmsysteem via de persoonlijke WoonVeilig omgeving wordt ingeschakeld op de stand 'AAN, ik ben thuis'. Op de huiscentrale knippert het lampje 'Status' rood terwijl het lampje 'Online' groen brandt.

Onder het tabblad 'Contactpersonen' op de persoonlijke WoonVeilig pagina kunnen de systeemmeldingen uitgeschakeld worden die telefonisch en per SMS aan de eerste contactpersoon worden doorgegeven. Systeemmeldingen worden dan alleen nog per e-mail verstuurd. Deze instelling heeft geen invloed op alarmmeldingen (inbraak, brand, paniek en lekkage). Alarmmeldingen worden dus altijd telefonisch, per SMS en e-mail doorgegeven.

Onder de systeemmeldingen vallen de volgende meldingen:

  • Meldingen omtrent een internetstoring.
  • Meldingen omtrent een stroomstoring.
  • Meldingen omtrent een accessoirefout.

Op dit moment is het mogelijk om maximaal 6 bewoners te registreren in de persoonlijke WoonVeilig omgeving Als dit aantal niet genoeg is dan raden we aan om de bewoners in groepen te verdelen (de kinderen bijvoorbeeld kunnen een groep vormen door ze gebruik te laten maken van de gegevens van 1 bewoner). Ook kan iedereen die het alarm aan en uit moeten schakelen worden voorzien van een afstandsbediening. Wordt deze afstandsbediening gebruikt dan zal dit worden gelogd in de persoonlijke WoonVeilig omgeving.

Technische vragen

Als de WoonVeilig huiscentrale geen (goede) verbinding heeft met een accessoire dan wordt dit telefonisch of per e-mail gemeld aan de eerste contactpersoon.

  1. Is het plastic lipje verwijderd? Is het WoonVeilig systeem nog maar net geïnstalleerd, dan is het aan te raden om te controleren of het plastic lipje van de accessoire is verwijderd. Deze zit namelijk tijdens verzending ter bescherming van de batterij in de accessoire.

  2. Wordt de accessoire gebruikt? Alle accessoires van het WoonVeilig Alarmsysteem zijn al aangemeld. Wordt een accessoire niet in gebruik genomen, dan moet de accessoire worden verwijderd. Dit kan op de persoonlijke WoonVeilig omgeving onder het tabblad 'Alarmsysteem'. Klik onder het kopje 'Accessoires' op de knop 'instellingen aanpassen'. Vink de accessoire aan die moet worden verwijderd en klik op de knop 'Verwijderen'.

  3. Is de afstand tussen de huiscentrale en de accessoire meer dan 25 meter? Verhuis de huiscentrale naar een centraler gelegen plek in de woning. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kan een WoonVeilig versterker worden geplaatst waarmee het bereik van de huiscentrale verdubbeld wordt. Deze is verkrijgbaar in de WoonVeilig online shop.

  4. Is er sprake van een storingsbron? Vergroot de afstand tussen de WoonVeilig huiscentrale en de storingsbron naar minstens 50cm. Potentiële storingsbronnen zijn routers of modems met draadloze internet functie (WLAN). Ook kan een aquarium, vochtig wasgoed en een muur die dikker is dan een halve meter of waar veel staal in is verwerkt het signaal ernstig blokkeren.
  1. Energiebesparende functie: De bewegingsmelder heeft een energiebesparende functie die voorkomt dat de bewegingsmelder constant bewegingen rapporteert. Daardoor staat de bewegingsmelder pas op scherp als er gedurende 1 minuut geen bewegingen zijn gedetecteerd. Nadat het alarmsysteem is aangezet moet de ruimte die de bewegingsmelder beveiligt gedurende 1 minuut volledig verlaten zijn. Na die minuut rust zal de bewegingsmelder reageren bij beweging.

  2. Kijkrichting: De bewegingsmelder dient zo te worden opgehangen dat het looppad van een insluiper dwars door het detectieveld van de melder heen loopt. Een bewegingsmelder reageert niet goed indien het looppad van een insluiper loodrecht op de melder afloopt.

  3. Hoogte: De bewegingsmelder moet niet te hoog worden opgehangen. De standaard hoogte om een bewegingsmelder op te hangen is 1,90 meter. Hoe hoger de bewegingsmelder wordt opgehangen, hoe verder de detecteerbare alarmzone is. Tevens neemt ook de niet detecteerbare ruimte toe aan de onderkant van de melder. In een smalle gang moet een bewegingsmelder lager worden gehangen zodat niemand er onderdoor kan lopen. Hier kan worden uitgegaan van een hoogte van 1,70 meter.

Indien een rookmelder te dicht is geplaatst bij een badkuip, douche of wasbak dan kan een rookmelder door de hete stoom een valse melding geven. Houd hiermee rekening bij de plaatsing van een rookmelder in een overloop.

Bewegingsmelders kunnen een vals alarm afgeven indien ze op ramen of op bewegende onderdelen zijn gericht.

Ramen: bewegingsmelders kunnen geen warmte door een raam heen detecteren. Wel kan de zon een snelle opwarming van het raamoppervlak veroorzaken waardoor de melders een vals alarm genereren. Aangeraden wordt een gemiddelde afstand van 8 meter tussen het raam en een bewegingsmelder.

Bewegende onderdelen: gordijnen kunnen vaak bewegen door de luchtstroming binnenshuis. Plaats een bewegingsmelder zo dat bewegende onderdelen niet waarneembaar zijn. Aangeraden wordt een gemiddelde afstand van 8 meter tussen de bewegende onderdelen en een bewegingsmelder.

Het WoonVeilig alarmsysteem kent 2 soorten meldingen: een alarmmelding en een systeemmelding.

Indien alarmmeldingen niet worden ontvangen moet de lijst met contactpersonen worden gecontroleerd. Alleen geregistreerde contactpersonen ontvangen een alarmmelding. Check dus in je persoonlijke WoonVeilig omgeving of alle telefoonnummers en e-mailadressen correct zijn ingevoerd.

Systeemmeldingen zoals meldingen van internetstoringen of accessoirefouten worden alleen verstuurd aan de eerste contactpersoon op de lijst van contactpersonen. Om de rangorde van de contactpersonen te wijzigen, klik dan op de oranje pijl naast de naam van de contactpersoon.

Het alarmlicht (in geval van huiscentrale model WV-1716), de camera en de versterker zijn niet terug te vinden in de persoonlijke WoonVeilig omgeving zoals de andere accessoires.

  • Het alarmlicht (in geval van huiscentrale WV-1716): Dit heeft met de communicatie tussen de WoonVeilig huiscentrale en het alarmlicht te maken. In het geval van een alarm dienen alle andere accessoires ervoor om een signaal te sturen naar de huiscentrale. Bij het alarmlicht gaat dit echter niet op. Bij een alarm moet het alarmlicht namelijk een signaal ontvangen van de huiscentrale in plaats van verzenden.
  • De camera: Deze is terug te vinden onder het aparte tabblad 'Camera's' in de persoonlijke WoonVeilig omgeving.
  • De versterker: Deze is niet opgenomen in de lijst met accessoires omdat de enige functie van de versterker is om signalen te versterken.

Na een alarm brandt op de huiscentrale het middelste lampje “Melding” rood. Door op de huiscentrale de knop “Bevestigen” in te drukken keert de huiscentrale weer terug in de normale status.

Als de WoonVeilig huiscentrale geen (goede) verbinding heeft met een accessoire, dan brandt op de huiscentrale het middelste lampje 'Melding' geel.

  1. Is het plastic lipje verwijderd? Is het WoonVeilig systeem nog maar net geïnstalleerd, dan is het aan te raden om te controleren of het plastic lipje van de accessoire is verwijderd. Deze zit namelijk tijdens verzending ter bescherming van de batterij in de accessoire.

  2. Wordt de accessoire gebruikt? Alle accessoires van het WoonVeilig Alarmsysteem zijn al aangemeld. Wordt een accessoire niet in gebruik genomen, dan moet de accessoire worden verwijderd. Dit kan op de persoonlijke WoonVeilig omgeving onder het tabblad 'Alarmsysteem'. Klik onder het kopje 'Accessoires' op de knop 'instellingen aanpassen'. Vink de accessoire aan die moet worden verwijderd en klik op de knop 'Verwijderen'.

  3. Is de afstand tussen de huiscentrale en de accessoire meer dan 25 meter? Verhuis de huiscentrale naar een centraler gelegen plek in de woning. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan kan een WoonVeilig versterker worden geplaatst waarmee het bereik van de huiscentrale verdubbeld wordt. Deze is verkrijgbaar in de WoonVeilig online shop.

  4. Is er sprake van een storingsbron? Vergroot de afstand tussen de WoonVeilig huiscentrale en de storingsbron naar minstens 50cm. Potentiële storingsbronnen zijn routers of modems met draadloze internet functie (WLAN). Ook kan een aquarium, vochtig wasgoed en een muur die dikker is dan een halve meter of waar veel staal in is verwerkt het signaal ernstig blokkeren.

Als er sprake is van een stroom- of internetstoring dan ontvangt de eerste contactpersoon een systeemmelding. Afhankelijk van de instellingen ontvangt de eerste contactpersoon deze systeemmelding telefonisch, per SMS of per e-mail.

De huiscentrale beschikt over een noodstroomvoorziening die het alarmsysteem gedurende 8 uur van stroom voorziet. In het geval van een stroom- of internetstoring blijft de sirene actief maar er worden geen alarmmeldingen verzonden. Het WoonVeilig alarmsysteem blijft wel alles registreren en zodra de storing is verholpen wordt een systeemmelding verstuurd en worden alle eventuele meldingen alsnog toegevoegd in het logboek van je persoonlijke WoonVeilig omgeving.

Batterijen gaan gemiddeld zo’n 2-4 jaar mee. Dit is met name afhankelijk van de functie van en de plaats waar de accessoire is geïnstalleerd. De batterij van een deur-/raamcontact bij een voordeur is sneller leeg dan een deur-/raamcontact bij een balkondeur op de eerste verdieping. Hoe intensiever de accessoire wordt gebruikt hoe sneller de batterij moet worden vervangen.

Batterijen kunnen zelf worden vervangen. In de WoonVeilig online shop staan de specificaties van alle batterijen per accessoire. Hier kunnen batterijen ook meteen worden besteld. In de handleiding van de accessoire staat hoe de batterijen moeten worden vervangen.

De melding 'Sensor batterij controle' houdt in dat de batterij van de accessoire binnen één maand leeg zal zijn. Aangeraden wordt om de batterij dan ook zo snel mogelijk na de melding te vervangen. Zodra de batterij is vervangen wordt binnen 24 uur de melding 'Sensorbatterij OK' verstuurd. Ook zal op de huiscentrale het middelste lampje ‘Melding’ automatisch uitgaan. Bij het verwisselen van de batterijen is het belangrijk dat de accessoire gedurende 5 minuten zonder batterij wordt gelaten. Na deze 5 minuten kan de batterij worden geplaatst en wordt deze gecontroleerd.

Batterijen kunnen zelf worden vervangen. Let bij de vervanging van de batterij op de juiste voltage. In de WoonVeilig online shop staan de specificaties van alle batterijen per accessoire. Hier kunnen batterijen ook meteen worden besteld. In de handleiding van de accessoire staat hoe de batterijen moeten worden vervangen.

Bij een stroomstoring wordt de noodstroomvoorziening van de huiscentrale aangeschakeld. Nadat een stroomstoring hersteld is moet de spanning van de accu worden gecontroleerd. Tijdens deze controle zal het middelste lampje 'Melding' op de huiscentrale oranje branden. Zodra de controle klaar is wordt de melding ‘Batterij ok’ verstuurd en het middelste lampje 'Melding' gaat automatisch uit.

Nee, het is technisch niet mogelijk om de Slimme stekker aan te sluiten op de versterker. Beoordeel of het mogelijk is om de huiscentrale te verplaatsen of dat je een ander stopcontact kiest de Slimme stekker.

Als het WoonVeilig alarmsysteem op een nieuwe modem of router wordt aangesloten kan het beste alle netwerkapparaten worden herstart:

1.Zet de modem, router en switch uit; 2.Trek de voeding uit de WoonVeilig huiscentrale en zet de batterijschakelaar aan de zijkant op ‘Uit’; 3.Wacht nu 90 seconden voordat de modem weer wordt aangezet; 4.Zodra op de modem het ‘Online’ lampje continu brandt kan de router en/of de switch weer worden aangezet; 5.Heeft de router en/of de switch weer verbinding, zet dan de batterijschakelaar van de huiscentrale op ‘Aan’ en sluit de stroom weer aan op de huiscentrale; 6.Op de huiscentrale brandt het onderste lampje (Online) continu groen en na 11 minuten wordt automatisch een melding verstuurd dat de internetverbinding is hersteld.

Nee, de akoestische glasbreukmelder beveiligt een gehele ruimte met een maximale afstand van 6 meter tot aan het glas. Op die manier beveilig je een gehele ruimte tegen een inbraakpoging met maar 1 melder.

Nee, de akoestische glasbreukmelder geeft alleen een alarm bij brekend glas uit deuren en ramen. Een glas laten vallen zorgt dus niet voor een vals alarm. Dit komt omdat de akoestische glasbreukmelder enkel reageert op een specifiek geluidsspectrum.

De binnensirene is voorzien van een noodstroomvoorziening. Deze noodstroomvoorziening zorgt ervoor dat de binnensirene bij stroomuitval nog tot 12 uur actief blijft. Wanneer de stroomstoring is hersteld, schakelt de binnensirene weer automatisch over op het lichtnet.

De binnensirene gaat af bij een alarmmelding. Er klinkt dan een luid signaal van 95 dB ~ 104 dB. Je kunt de binnensirene ook zo instellen dat je een signaal hoort bij het in- en uitschakelen van het alarm, en bij de vertragingstijden.

  1. Bedraad: Let op dat de camera eerst bedraad werkt voordat het draadloos kan functioneren. Bij de installatie is van belang dat de ethernetkabel als eerste wordt aangesloten en daarna pas de stroom. Werkt de camera met ethernetkabel, dan moet de camera worden herstart om het draadloos te laten werken. De voeding en de ethernetkabel moeten worden losgekoppeld van de camera. Wacht 30 seconden met het weer aansluiten van de voeding.

  2. Instellingen: Op de persoonlijke WoonVeilig omgeving moet onder het tabblad 'Camera's' worden gecontroleerd of de instellingen van de camera juist zijn. Vaak voorkomende fouten bij het invoeren van de netwerksleutel en de SSID zijn het niet rekening houden met hoofdlettergevoeligheid en het verkeerd interpreteren van bepaalde tekens (het cijfer ‘0’ wordt bijvoorbeeld vaak als de letter ‘O’ gezien).

  3. Bereik: Controleer of het netwerk goed te bereiken is op de locatie waar de camera geplaatst is. Dit is het makkelijkst te doen door een computer, pda of mobiele telefoon welke beschikt over een WiFi-verbinding te plaatsen op deze locatie en te kijken hoe goed het bereik is.

Gebruik Works With

WoonVeilig bewaakt 24 uur per dag je huis. Een slim huis start met een slim alarm. Met dit slimme alarm kan je ook apparaten van ‘anderen’ slimmer maken. Hiervoor ontwikkelt WoonVeilig het ‘Works with WoonVeilig’ programma. Dit programma zorgt ervoor dat je WoonVeilig-apparaten veilig en moeiteloos samenwerken met apparaten van derden die je dagelijks gebruikt. Binnen en buiten.

Laat met het Woonveilig alarmsysteem lijken alsof je thuis bent ook al ben je dat niet. Bij het aanzetten van het WoonVeilig alarmsysteem gaan de gekozen Hue lampen automatisch aan wanneer het donker is tot het geselecteerde tijdstip. Ook kun je in de ochtend de Hue lampen aan laten gaan totdat het licht wordt. Hierna gaan je Hue lampen automatisch weer uit.

Inbrekers houden niet van licht. Zeker niet van een rood knipperend waarschuwingslicht. Is er een alarmsituatie? Dan gaat de sirene en worden jij en de buren gebeld en geven je Hue lampen automatisch een fel knipperend rood waarschuwingslicht (bij witte Hue lampen knipperen

Je stelt de koppeling tussen je Philips Hue lampen en WoonVeilig alarmsysteem gemakkelijk in via de WoonVeilig app onder de knop Works With. Kies Philips Hue.

Download de app via Appstore voor IOS of via Google Play voor Android.

Ga naar je WoonVeilig app en kies voor de knop Works With in het menu. Kies Philips Hue. Schakel de aanwezigheidssimulatie in. Selecteer vervolgens de lampen die je wilt gebruiken voor de aanwezigheidssimulatie. Stel vervolgens de begin en eindtijd in.

Ga naar je WoonVeilig app en kies voor de knop Works With in het menu. Kies Philips Hue. Schakel het waarschuwingslicht bij alarm in. Selecteer vervolgens de lampen die rood moeten kleuren wanneer het alarm afgaat.

Wanneer het alarm afgaat en het waarschuwingslicht is ingeschakeld gaan de geselecteerde lampen rood knipperen. De lampen stoppen met knipperen wanneer het alarm wordt uitgeschakeld. De lampen blijven wel rood. De persoonlijke instellingen van de lampen dienen opnieuw ingesteld te worden via de Philips Hue app.

Ga naar je WoonVeilig app en kies voor de knop Works With in het menu. Kies Philips Hue. Klik vervolgens op verbinding met Philips Hue verbreken.